“Als je iets wilt verbeteren, moet je meedoen.”
Bernard Leemans over zijn rol als voorzitter van de werkkamer Bedrijfsmatig Vastgoed
Achter VastgoedCert staat een groep makelaars die zich actief inzet voor de kwaliteit van het vak en het kwaliteitsregister. Eén van hen is Bernard Leemans, rentmeester en taxateur bij DVC Rentmeesters in Zeist en voorzitter van de werkkamer Bedrijfsmatig Vastgoed.
Naast zijn eigen kantoor zet hij zich op meerdere fronten in voor de kwaliteit van het vak: als voorzitter van de werkkamer, als lid van het Centraal College van Deskundigen en als assessor bij het examenbureau en SVMNIVO, voor zowel bedrijfsmatige als agrarische makelaars en taxateurs.
Niet aan de zijlijn, maar in het veld
Bernard werd vanuit de Vereniging van Rentmeesters ongeveer zes jaar geleden gevraagd om de voorzittersrol op zich te nemen. Een rol die past bij zijn manier van werken: niet aan de zijlijn staan, maar zelf bijdragen aan wat beter kan. “Het is makkelijk om commentaar te leveren vanaf de zijlijn op dingen die wel of niet goed gaan, maar als je je er niet voor inzet om te verbeteren, gebeurt er niks.”
“Als je iets wilt verbeteren, moet je meedoen.”
Een breed werkveld onder één kamer
Bedrijfsmatig vastgoed is een uitzonderlijk breed werkveld: van een winkel-woonhuis tot een logistiek complex, van bedrijfshallen tot het bedrijfsmatige deel van een agrarisch bedrijf. “Dat maakt het uitdagend. De praktijk van een bedrijfsmakelaar op de Zuidas verschilt enorm van die van een collega in Tytsjerksteradiel, terwijl ze allebei onder dezelfde kamer vallen.”
“Juist daarom is de werkkamer zo belangrijk. In de commissie zitten zeven makelaars, o.a. van het Rijksvastgoedbedrijf, van grote kantoren én van kleine bureaus. “Onze rol is het kanaliseren van verschillende meningen en signalen uit de praktijk en die vertalen naar werkbare processen en modellen voor VastgoedCert.”
Dat gaat over hele concrete dingen, zoals de invulling van hercertificering. “Leden moeten een bepaald niveau hebben en behouden. Dat vinden we belangrijk en daar toetsen we op. Het is precies die vertaling, van bestuurlijk besluit naar werkbare regel, waar de werkkamer zich mee bezighoudt.
Kwaliteit boven kwantiteit
Op één punt is voor Bernard geen discussie mogelijk: “Het is verleidelijk om de lat lager te leggen, maar dat gaan we niet doen. We gaan voor kwaliteit en niet voor kwantiteit.”
Trots is hij op de manier waarop de werkkamer dat kwaliteitsniveau vasthoudt, ook als de druk op instroom toeneemt: “We houden vast aan een opleidingsniveau dat aansluit bij internationale richtlijnen. Dat is iets om met elkaar te koesteren.”
Ontwikkelingen die het vak veranderen
Het vak staat allesbehalve stil. “Fiscaliteiten is een hot item, denk aan box 3 voor beleggers. En verduurzaming is een grote uitdaging.” Bernard taxeerde recent een bijzonder object zonder gasaansluiting, met eigen drinkwater, eigen elektriciteit en een biogasinstallatie. “Voor dit soort panden zijn nog nauwelijks marktgegevens beschikbaar. Deze mensen lopen voor de muziek uit. Dit soort opdrachten zijn grote uitdagingen voor het vak.”
AI ziet hij als een mooi hulpmiddel in de praktijk, mits zorgvuldig ingezet. “Als je de goede vragen stelt, krijg je teksten waarbij je je vingers kunt aflikken. Maar je moet je bewust zijn dat het niet altijd klopt.” Het oordeel van de makelaar blijft volgens hem leidend. De techniek ondersteunt, maar vervangt de vakman niet.
Werken aan zichtbaarheid
Vanuit het Centraal College van Deskundigen zet Bernard zich actief in voor meer naamsbekendheid van VastgoedCert. “Een belangrijk aandachtspunt is dat VastgoedCert in de markt nog te weinig herkend wordt. We moeten naar buiten toe, zichtbaar zijn en benoemen wat we doen. Daar werkt VastgoedCert hard aan, en wij met elkaar. Zó versterk je elkaar.”
“De koersverandering om het VastgoedCert-merk meer in de markt te zetten, vind ik een hele goede ontwikkeling.”
Blijf investeren in je vak
Zijn boodschap aan (toekomstige) makelaars is helder: “Ik hoop dat ze dezelfde passie voor het vak ontwikkelen en blijven investeren in kennis, zodat ze opdrachtgevers goed kunnen blijven bedienen. Want juist in een vak dat continu verandert, maakt dat het verschil.”